Groen en blauw in de stad Utrecht

De gemeente Utrecht gaat het Groenstructuurplan actualiseren. Was het oude plan (2007) er vooral op gericht de groei van het inwonertal op te vangen door uitbreiding (Leidse Rijn), nu wordt ingezet op inbreiding. Maar hoe blijft de voller wordende stad groen, gezond en klimaatbestendig? Ecosysteemdiensten dragen bij aan oplossingen.

Op dit moment heeft Utrecht ongeveer 335.000 inwoners en de stad blijft groeien, tot naar verwachting ongeveer 410.0000 inwoners in 2030. Dat is een plus van ruim 20% in dertien jaar tijd. De ruimte voor al die nieuwe inwoners wordt niet langer gezocht in het buitengebied maar hoofdzakelijk in de bestaande stad. De oude strategie – groengebieden buiten de stad ontwikkelen, in de stad zorgen voor meer en beter groen, en verbeteren van de verbindingen tussen die twee – is tot nog toe succesvol, maar is voor de toekomstige ontwikkeling van de stad niet meer voldoende. In deze actualisatie van het Groenstructuurplan (2017) worden daarom aan de oude strategie twee belangrijke doelen toegevoegd, zegt programmamanager Jeroen Schenkels van de gemeente Utrecht: "Op alle beleidsgebieden van de gemeente, dus ook op dat van het groenbeleid, staan werken aan gezonde verstedelijking en klimaatbestendigheid op één."


Gezonde groei

"Bij gezonde verstedelijking gaat het vooral over het stimuleren van gezond gedrag en van sociale ontmoeting," legt Schenkels uit. Ook aandacht voor een gezonde leefomgeving met schone lucht hoort daarbij. "Parkjes nodigen uit tot buiten zijn en bewegen en mensen ontmoeten er elkaar. Daarnaast letten we erop dat al dat groen ook goed te bereiken is." Het kan ook heel kleinschalig, met groen voor de deur. Bijvoorbeeld: in samenwerking met Operatie Steenbreek verwijderen bewoners een of enkele stoeptegels, en zo verschijnen er steeds meer geveltuintjes in de stad. De gemeente werkt sowieso veel samen met bewoners als het gaat om het aanleggen en onderhouden van groen. Dat gebeurt bijvoorbeeld in de projecten van het Groene Web, het ecologisch netwerk voor planten en dieren in de stad. Kleine parkjes en buurttuinen, bomenlanen en groene daken vergroenen de stad. Dat alles zorgt voor meer biodiversiteit, verkoeling en waterberging.


De stad als spons

Het veranderende klimaat zorgt voor steeds meer en extremere plensbuien. Klimaatadaptatie betekent: genoeg ruimte en groen om al dat water op te vangen, en vast te houden voor verkoeling op hete dagen. ‘Groen' en ‘blauw' werken daarbij intensief samen. Het regenwater wordt zo min mogelijk afgevoerd via het riool (afkoppeling). Het wordt juist zo veel mogelijk vastgehouden in de bodem en zonodig afgevoerd via het oppervlaktewater in de stad. De stad als spons gebruiken heet dat. Groenblauwe zones verbeteren bovendien de biodiversiteit.


Niet op een eiland

Het ecosysteem kan bijdragen aan het systeem Stad, zegt Schenkels, door de waarden van natuur (groen en blauw) optimaal te benutten. Ecosysteemdiensten als recreatie, lucht- en waterzuivering, biodiversiteit, waterberging, verkoeling en geluidsreductie krijgen volop aandacht in de Utrechtse groenagenda. De gemeente opereert daarbij niet op een bestuurlijk eiland. Ze draait mee in EU-initiatieven als Naturvation, een onderzoeksproject rond nature-based solutions, samen met nog vijf Europese steden. Nature based solutions is de term die de Europese Commissie gebruikt voor oplossingen geïnspireerd en ondersteund door de natuur, die tegelijkertijd ecologische, sociale en economische voordelen bieden en helpen om veerkracht op te bouwen. Ook experimenteert Utrecht via de Citydeal ‘Waarden van groen en blauw' samen met andere Nederlandse steden met de TEEB-stadtool en de Atlas Natuurlijk Kapitaal. Een van de uitdagingen daarbij is het ontwikkelen van kengetallen. Hoeveel volume boomkronen heb je bijvoorbeeld nodig om één graad verkoeling te krijgen? En hoe gaan we met die kennis om in onze plannen?


Interdisciplinair stapjes zetten

Schenkels: "Het is nog enorm zoeken. Het monetariseren van de waarden van groen en blauw bijvoorbeeld is vaak gebaseerd op rammelende ecologische en economische aannames. Toch geven de cijfers een indicatie van de voordelen van natuur, op een begrijpelijke en concrete manier. Natuurlijk blijven er mensen die er moeite mee hebben dat we natuur willen vertalen in euro's. Stedenbouwers, projectontwikkelaars, sociologen, biologen, economen, gezondheidswerkers, burgers, iedereen doet mee, probeert zich het idee eigen te maken en te gaan zien wat hij er in zijn eigen omgeving mee kan. Dat we nog niet veel concreets hebben maakt het niet gemakkelijker."


Het groen het laten doen

In de tweede plaats is het natuurlijk ingewikkeld hoe je dat dan aan moet pakken. De hamvraag is: hoe laat je ecosysteemdiensten bijdragen aan een klimaatbestendig plan? Of zoals Schenkels het zegt: waar kan je het groen het laten doen? "We onderzoeken dat, bijvoorbeeld voor de woningbouwlocatie in de Merwedekanaalzone. Hoeveel groen moet er op de daken? Hoeveel bomen moeten er geplant worden en waar komen de wadi's? We zitten nog in de experimenteerfase met living labs, concrete uitkomsten voor een concrete locatie zijn er nog niet. Maar we komen steeds een stapje verder met elkaar."


Niet dé oplossing

Schenkels weet het zeker: ecosysteemdiensten dragen bij aan oplossingen voor biodiversiteit, milieuproblematiek, economische en sociale problematiek. "Ik zeg niet dat het dé oplossing is, maar er wordt steeds meer gezien dat het óók een oplossing is, en vaak een vrij goedkope, voor problemen waar je bij verstedelijking mee te maken krijgt. Daar ben ik blij mee."


Informatie

Op de website van de gemeente Utrecht vindt u meer informatie over het Utrechtse groenbeleid, met onder andere downloads van het bestaande en het nieuwe voorstel Groenstructuurplan en het Meerjaren Groenprogramma.