Natuurlijk kapitaal op de kaart!
Lancering Atlas Natuurlijk Kapitaal (ANK)
Dinsdag 22 september RWS LEF Future Centre Utrecht

 

Werkatelier 6. Natuurlijk kapitaal voor een duurzame agrarische bedrijfsvoering

Naast enkele vertegenwoordigers van land- en tuinbouworganisaties (ZLTO, Initiatief Bewust Bodemgebruik) zijn er deelnemers vanuit overheden (ministerie I&M, RWS, waterschap, provincie), onderzoeksinstituten (LEI, RIVM, CLM, Alterra), natuur, en een enkel bedrijf (Grontmij, Vitens, Geodan).

Met allerlei ervaringsdeskundigen, ervaring in de landbouw variërend van 0 tot 40 jaar, is gediscussieerd over de wijze waarop boeren in hun bedrijfsvoering het natuurlijk kapitaal duurzaam kunnen benutten en wat daarbij komt kijken. De landbouw bezit en beheert immers het grootste deel (qua oppervlakte) van het Nederlandse natuurlijk kapitaal. Als gevolg van de landbouwactiviteiten is er een grote afname in de kwaliteit van het natuurlijk kapitaal en ook een afname in productie waar te nemen. Gelukkig is er door samenwerking met andere stakeholders veel te winnen, zo bleek uit de discussies.


Duurzame agrarische bedrijfsvoering

De centrale vraag in dit werkatelier was hoe de ANK een duurzame agrarische bedrijfsvoering kan ondersteunen; niet alleen voor koplopers, maar juist ook voor de grotere massa. Welke informatie is nodig, hoe moet die informatie worden aangeleverd en welke partijen zijn hierbij betrokken.

Daarnaast zijn er ook andere vragen.

  • Waarom zou een boer de ANK gebruiken? Vanuit het smallere
        perspectief van de ‘voedselproducent' is er wellicht minder animo. Er
        zijn echter ook boeren die beseffen: een boer is een bodemmanager.
        Daar zit meer de link.
  • Is marktprijs van grond een afspiegeling van het natuurlijk kapitaal?
        De totale waarde van een perceel is vele malen groter dan wat er nu
        voor wordt betaald.
  • Zijn er mogelijkheden om boeren te belonen voor duurzaam boeren?
        Wie zijn de andere partijen die profiteren van duurzaam boeren en
        kunnen zij meebetalen? Is dit te ontlenen aan de ecosysteemdiensten
        die ANK in beeld brengt?


Erfbetreders hebben invloed

Welke partijen, kansen en valkuilen beïnvloeden de besluitvorming van de boer?

We kwamen tot een aantal categorieën van ‘erfbetreders':

- boerenorganisaties (LTO etc.);
- toeleveranciers (bv. van zaden);
- onafhankelijk adviseurs (bv. DLV);
- afnemers (als Campina);
- overheden.

Voor elk van deze ‘erfbetreders' werd geanalyseerd: wat heeft hij te bieden, wat is zijn rol voor de boer, en wat kan de ANK hier betekenen?


Casussen

Vervolgens werden drie casussen besproken.

1. KRW en afspoeling

Het betreft hier een ‘halve casus', meer een idee. De normen van de KRW worden moeilijk gehaald, zo blijkt. Er zijn mogelijkheden om uit- en afspoeling te voorkomen door de bodem beter te gebruiken en beheren. Welke eigenschappen heeft een bodem nodig om zo min mogelijk te ‘lekken'? In de ANK zou je moeten kunnen zien hoever jouw perceel afzit van die criteria, gedifferentieerd naar klei, zand, veen, etc. Dan kun je zien waar de opgaven liggen. Hoe kun je boeren motiveren om zo te handelen dat grond, grondwater en oppervlaktewater een betere kwaliteit krijgen? Kansrijke locatie voor een proef: Achterhoek/Gelderland?

2. Natuurboeren

Boeren die hun koeien en varkens laten grazen op natuurterrein willen produceren in balans, en ze zijn heel succesvol, hun bedrijfsmodel klopt. Het is een kans voor jonge boeren die nog niet zoveel kapitaal hebben. Ze hebben wel veel grond nodig. De ANK zou kunnen helpen om te herleiden welke gronden geschikt zijn. Kwaliteit is belangrijk, bereikbaarheid, etc. Casus: Noord-Brabant.

3. Bouwplan/gewasrotatie

Oost-Brabant met zijn permanente maislanden is in feite een ‘ecologische Sahara'. Akkerbouwers, melkveehouders en varkenshouders in Noordoost-Brabant hebben elkaar gevonden en onderzoeken samen hoe je het bouwplan van de landbouwpercelen anders kan inrichten, zodat de bodemkwaliteit van het gebied verbetert voor betere gewasproductie. De boeren gaan samenwerken en gebruiken elkaars grond. Een toegevoegde waarde van de ANK kan liggen in het zichtbaar maken van scenario's: als we het zo organiseren, dan gaat het met de bodem die kant op en als je dat doet, ontwikkelt het systeem zich zus en zo. Centrale vraag is: wat doet je beheer met het natuurlijk kapitaal?

Regionale context is belangrijk! Ook belangrijk is informatievoorziening over trends: hoe verandert de kwaliteit in een gebied.

 

Conclusies

Cruciaal is dat de kaarten in de ANK up-to-date zijn, inzicht geven in trendontwikkeling en informatie geven op regionale en lokale schaal. Niet alleen kwaliteitskaarten en kansenkaarten zijn van belang, ook kaarten die laten zien waar het kapitaal bedreigd wordt. Dit vraagt om investeringen, onder andere voor goede monitoring, zodat beheersmaatregelen getoetst kunnen worden.

De casussen zullen deels verder worden uitgewerkt tijdens TerrAgenda op 11 december 2015.