Natuurlijk erfgoed

Natuurlijk erfgoed is de erfenis van natuurlijke, niet door de mens gemaakte plaatsen, objecten en ontastbare kenmerken. Deze kunnen het platteland en de natuurlijke omgeving omvatten, met inbegrip van flora en fauna. Wanneer een plaats een opmerkelijk natuurlijk belang heeft voor het gemeenschappelijk erfgoed van de mensheid, kan het een van de sites zijn die behoort tot het natuurlijk erfgoed van UNESCO. Zoals bijzondere voorbeelden van belangrijke fases van de geschiedenis van de aarde: fossielen, belangrijke lopende geologische processen in de ontwikkeling van aardvormen of belangrijke geomorfe of fysiografische kenmerken. Denk aan fossielen van planten en dieren, bodemlagen of pollen in de bodem die begroeiingen in het verleden weerspiegelen.

Ook de belevingswaarde (in het veld of via de media) van wilde soorten, wildernis en natuurlijke, ecosystemen horen er bij. En tot slot landschappen en de daaruit voorkomende typen begroeiing, structuren en levende soorten behoren tot het natuurlijk erfgoed. Voorbeelden hiervan zijn de Waddenzee en de Veluwe, maar ook typische begroeiingsvormen, zoals heide- of stuifzand, hakhoutbossen, lanenstelsels en markante (oude) bomen.

Het belang van duurzaam omgaan met ons natuurlijk kapitaal en de historische componenten daarvan is van cruciale betekenis voor het natuurlijk erfgoed. Het belang van bestaand natuurlijk erfgoed wordt groter naarmate meer verdwijnt. Natuurlijk erfgoed komt vaak gecombineerd voor met cultureel erfgoed. Het menselijk gebruik beïnvloedt namelijk het natuurlijk erfgoed. Werelderfgoedgebieden (zoals de Waddenzee) weerspiegelen daarom vaak zowel het natuurlijk als het cultureel erfgoed.

In Nederland zijn populaties van bomen aanwezig die een genetische waarde vertegenwoordigen voor deze soorten in Nederland. Om het voortbestaan van deze soorten te beschermen, is het dus van belang dat deze populaties goed worden beschermd.

Natuurlijk erfgoed is kwetsbaar voor werkzaamheden waarbij de bodem of de vegetatie wordt verstoord. Daarom moet bij ingrepen in bodem, water en landschap van te voren worden nagegaan of culturele erfgoedwaarden in het geding zijn. Het kan hierbij gaan om een geomorfologisch monument (vormen en processen van het landschap), een fossiel, restanten van een vroegere nederzetting, maar ook om een stuk wildernis of cultuurhistorisch landschap. Hiervoor moeten we weten waar belangrijke waarden van natuurlijk erfgoed voorkomen en hoe die beschermd kunnen worden. Bijvoorbeeld door het opstellen van educatief materiaal, waarin de waarden worden beschreven. Ook het vergroten van de herkenbaarheid in het veld door gericht beheer of het plaatsen van informatiepanelen, bevordert de bescherming van het erfgoed.

Praktijkvoorbeeld: