Wetenschap en educatie

De natuur is één van de belangrijkste bronnen voor wetenschap en educatie. Door de natuur te bestuderen, begrijpen we het menselijk lichaam beter. Maar ook alle flora en fauna. De natuurwetten beschrijven waarom processen werken zoals ze werken en verklaren de fenomenen die van invloed zijn op ons dagelijks leven. Denk hierbij aan de werking van het weer en het klimaat. Maar ook aan de omschrijving van processen in de bodem die bepalend zijn voor de bodemvruchtbaarheid en daarmee ons voedsel. Door kennis te vergaren over de natuur krijgen we inzicht in hoe we de natuur kunnen beschermen en op een duurzame manier gebruik maken van wat de natuur ons te bieden heeft.

De natuur zelf vormt bij uitstek de plek voor natuureducatie. In de natuur kunnen mensen ervaren wat natuur echt is, welke dieren en planten er leven en welk nut het heeft voor onze economie, gezondheid en welzijn. Met natuureducatie kun je ook laten zien waar ons voedsel nu echt vandaan komt en welke weg voedsel aflegt voordat het belandt in de schappen van de supermarkt. En door zelf de aantasting van de natuur en het natuurlijk kapitaal te ervaren, voel je de noodzaak om de natuur te beschermen veel sterker. Want een plaatje van een gekapt bos in de krant raakt je waarschijnlijk minder dan de aanblik van afgekapte bomen in een door jouw geliefd bos.

Voor duurzaam gebruik van de natuur is het belangrijk te weten wat de draag- en veerkracht is van ecosystemen. Welke omvang en verscheidenheid is er bijvoorbeeld nodig is om ecosystemen intact te houden en duurzaam te kunnen gebruiken? Door meer kennis te vergaren over de natuur kunnen richtlijnen voor behoud en herstel van natuur worden gehaald.

Voor educatieve doeleinden is het van belang dat natuur toegankelijk en nabij is. Ook is het belangrijk dat zowel het basis- als voortgezet onderwijs genoeg tijd geeft aan natuureducatie.

In de huidige technologie worden veel van de beste biologische ideeën in de natuur nagebootst om menselijke toepassingen uit te vinden, te verbeteren en duurzamer te maken. Dit wordt ‘biomimicry' genoemd. Denk aan vliegtuigen gebaseerd op de vliegtechniek van vogels. Of aan de honingraatstructuur die wordt gebruikt om gebouwen te verstevigen. Bij bedrijven is hier veel belangstelling voor. Ook kan kennis over natuurlijke processen bijdragen aan meer duurzaamheid. Een recent voorbeeld is de inzet van bepaalde bacteriën die plastics kunnen verwerken als voedsel.

 

Wetenschappers vergaren kennis over de natuur door bijvoorbeeld in laboratoria flora en fauna te analyseren. Maar ook datagegevens leren ons veel over hoe de natuur zich gedraagt. Denk aan satellietbeelden die aangeven hoeveel vocht er in de bodem zit. Maar er zijn uiteraard nog veel meer manieren waarop kennis over de natuur wordt vergaard.

Zo helpen ook vrijwilligers een handje mee om gegevens over flora en fauna te verzamelen. Tientallen burgers doen jaarlijks als vrijwilliger mee aan de (tuin) vlindertelling, georganiseerd door de Vlinderstichting. Deze telling geeft een beeld hoe het met de vlinders in Nederland is gesteld. De website Wildspotter.nl spoort burgers aan om naar beelden te kijken van tientallen faunapassages om dieren te determineren die voorbij komen lopen. Denk verder ook aan de Bodemdierendagen of aan Waarneming.nl waar allerlei zoogdieren en vogels kunnen worden gemeld. Deze initiatieven leveren niet alleen nieuwe data op, maar het contact met de natuur draagt ook bij aan het welzijn van de vrijwilligers die de data leveren.  

Praktijkvoorbeelden:

Deze kaart geeft de mate van verstoring in de toplaag van de bodem weer. Plekken waar de bodem niet verstoord is geeft de meest natuurlijke toestand weer en is de plek waar wetenschap en educatie kunnen worden bedreven.